Lieve God,

Wat leven we in een rare tijd, een tijd met veel satanistische rituelen en gebeurtenissen. Een tijd waarin de wereld veranderd en anders wordt dan dat U hem ooit gemaakt heeft. Een wereld waarin betwijfeld wordt of Adam en Eva hebben bestaan, waarbij ze het over incest hebben. Dat terwijl als iemand goed de Bijbel leest hij leest dat U overal op de wereld mensen bracht, zij waren slechts de eersten.

Ik ben U een tijdje kwijt geweest, maar U mij niet. Een jaar of twee of drie deed ik niets meer met U, ik praatte niet meer ik bidde niet meer en deed veel dingen die U pijn hebben gedaan en waar ik eigenlijk ook mijzelf pijn mee deed. Maar ik ben nooit maar dan ook nooit het geloof in U of in Jezus kwijt geraakt. Ik heb mijn eigen belofte naar mezelf gebroken, hoewel ik dat nooit meer terug kan draaien heb ik het mezelf vergeven, zoals U het mij vergeven heeft. Dat ligt in het verleden, ik ben U zo dankbaar voor Nathan, hij heeft mij weer naar U toe begeleid. Soms ben ik even stil, dan vouw ik mijn handen en denk ik aan U. Als ik het even niet meer weet, niet meer zie zitten dan praat ik met U. Maar ook op mijn meest gelukkige momenten bepraat ik de dag met U.

Soms merk ik dat mijn hoofd wel vol raakt, omdat ik U opnieuw leer kennen maar er ook altijd iemand op de loer ligt om mij van uw pad af te krijgen. Dat zal alleen nooit lukken, U bent mijn veilige haven en aan mijn geloof in U blijf ik trouw. Over 9 weken ga ik met Nathan trouwen en word ik zijn vrouw, daar voel ik mij trots om en U vast ook. Wij gaan het huwelijk met U delen, U viert het feest met ons mee.

Bedankt Heer, dat u mij nooit hebt laten vallen ondanks alles wat ik heb gedaan in mijn leven. Ik zal U nooit opgeven net als U mij nooit zult opgeven. Bedankt voor wie U bent… en wat U doet.

Als wij elkaar ooit treffen in de toekomst, en daar geloof ik in, ga ik U een knuffel geven maar voor nu sluit ik mijn brief aan U af met een digitale knuffel, wetende dat U over mijn schouder mee leest.

Liefs,

Marianne